Familiedrama, of net niet?

In de verste uithoek van onze lap grond (90 meter van de straat verwijdert) ligt al jaren de overschot van onze “oude beerse”, de steen waarmee ons huis gebouwd is.
Het zullen er om en bij de 4000 zijn, netjes gestapeld op een worteldoek.
Na jaren daar gelegen te hebben in de schaduw van onze wilgen- en meidoornbomen was deze hoek stevig overwoekert door brandnetels en wilde bramen. Een ondoordringbare plek.
Reeds enkele jaren nam ik steeds weer het voornemen om deze hoek op te ruimen, maar ik zag er telkens weer tegen op. Tot er nu een brave ziel was in de vorm van mijn broer die deze stenen wel kon gebruiken.
Wanneer mijn schat van een buurman dan (nadat hij mij 1 kruiwagen met stenen had zien vervoeren naar de aanhangwagen naast het huis) plots bij mij staat en spontaan aanbiedt zijn afsluiting van schapendraad door te knippen zodat wij een straat verder met onze aanhangwagen de plantage achter onze grond in kunnen om zo de aanhangwagen tot bij de hoop stenen te brengen, tja … . Dan ga je er met goede moed tegenaan. Met een stevige haagschaar, hark en riek worden de netels en bramen naar het hiernamaals gebracht.

Na ettelijke uren zweten en een inmiddels mooie bruine “font du teint” is de hoop stenen aanzienlijk geminderd.
Wanneer we aan de onderste steenlagen aankomen worden we plotseling aangestaard.
salamander-2Een klein padje, ongeveer een 2 centimeter groot staart ons angstig aan. Wanneer we wat beter beginnen rondkijken merken we plots nog gezelschap op.

salamander-1Een beetje verder ligt nog een salamander (als mijn kennis mij niet in de steek laat is dit de Alpensalamander?), met de nadruk op “ligt”. Was hij al dood, of heeft hij ons gewoel niet overleefd? Ik hoop op het eerste.

salamander-3De nog in leven zijnde exemplaren kiezen het hazenpad, de dochter maakt van de gelegenheid gebruik om met het fototoestel de plantage in te trekken en wij gaan voorzichtig verder met het laden van de stenen.

Na nog een halve laag weg te nemen merken we plots een gewriemel van jewelste.
Ik overdrijf niet wanneer ik je vertel dat we plots wel rond de 20 van deze salamanders zagen. Grote exemplaren van ongeveer 10 tot 12 centimeter lang, maar ook kleine exemplaartjes. Nog geen 2 centimeter lang en 2 millimeter dik. Zijn wij hier familiedrama’s aan het aanrichten?
De beslissing werd vlug genomen! Afblijven, alles laten zoals het is en deze diertjes opnieuw hun rust geven. Ik ging vlug opzoek naar de dochter, die zich wonderbaarlijk vlug had weten te begeven naar de paardenwei achter de boomgaarden. Wanneer ik eindelijk het fototoestel terug had waren de salamanders bijna allemaal weer verdwenen tussen de stenen, in gaten en kieren. Dus jammer genoeg geen visueel bewijsmateriaal van het veelvuldig gewriemel.

Dit alles maakt dat de hoop momenteel blijft liggen zoals op de eerste foto hierboven.
Aan de rechterzijde van deze hoop ligt onder de wilgen ook nog een hoop stenen bedekt met mos, takken, verdorde brandnetels, bladeren, … . Ik durf me nog niet voorstellen wat hier allemaal in en onder leeft. Een insecten- en andere diertjeshotel pur sang.

Aangezien het idee hier toch leeft om een insectenhotel te bouwen begin ik nu te denken om dat op deze plek te maken, en de stenen die er nu liggen als basis te gebruiken.
Een projectje voor in de zomer 😉

 

 

 

2017-09-30T16:58:56+00:00

6 Comments

  1. de biodiverse tuinier 8 april 2014 at 06:44 - Reply

    Zo’n hoop stenen – dat is gewoon een appartementsgebouw! Goede beslissing – er af te blijven. Misschien kan je ze deze zomer herschikken (dan zijn de salamanders wel elders) en onder je insectenhotel een salamanderoverwinterplek bouwen. Alle stenen mooi schikken met spleetjes van 1-2cm er tussen. En dat in verschillende laagjes. Zullen ze appreciëren!

  2. muggenbeet 8 april 2014 at 07:43 - Reply

    een wonderbaarlijke ontdekking, het bewijst andermaal dat de wilde beestjes zelf wel hun onderkomen kiezen en dat een gefabriceerd ‘hotel’ niet de enigste mogelijkheid is. Goede keuze om ze nu even rust te gunnen, weet dat salamanders in mijn ogen een ‘luxebezit’ zijn 🙂

  3. Menck 8 april 2014 at 14:55 - Reply

    Te onzent verkiezen ze momenteel massaal de vijver als leefruimte. (Lees: paren dat het een lieve lust is!)
    Na de paartijd trekken ze de tuin weer in om zich er voor de rest van het jaar op te houden. Vandaar: beter met rust laten nu. Je leest zo de ‘Help!’ in hun oogjes. 😉

  4. Mevrouw Mus 12 april 2014 at 08:41 - Reply

    Onvoorstelbaar wat er wel niet leeft in de tuin, prachtig he.

  5. bentenge 18 april 2014 at 18:07 - Reply

    IK sluit me helemaal aan bij Ludo (alias Muggenbeet)… een luxe zeg ! Ik wou dat we dat hier ook hadden.

  6. madame boerenerf 5 mei 2014 at 08:52 - Reply

    Goed dat ik dit hier lees. Wij hebben ook zo een ondoordringbare hoek in de tuin. Vol stenen, bramen met doorn, opgeschoten boompjes enzovoort. Ik was van plan om dit deze zomer onder handen te laten nemen door een helpexer. Nu heb ik weer een goed excuus om het zo te laten want wie weet wie daar allemaal woont 🙂

Leave A Comment