De kat kwabt de kwollen ….

Iedere veertig plusser die opgegroeid is tussen broertjes, zusjes en vrienden herinnert zich in een ver verleden wel de één of andere kleine pagadder die wat problemen had met een aantal letters.

Ik herinner mij bijvoorbeeld mijn eigen broer, 5 jaar jonger dan mezelf. Tot in het eerste, tweede studiejaar had hij ‚sejieuze’ problemen met de letter „R”.

Ons moeder kan nu nog steeds redelijk opgewonden geraken wanneer ze verteld over leerkrachten en andere so called professionals die in de jaren tachtig wisten te vertellen dat ze verder moest gaan met ons broer, want hij zou er een blijvend spraakgebrek aan overhouden.

Ons moeder veegde er haar moederlijke botten aan en zoals we (vooral ons moeder) zelf wel konden vermoeden, na verloop van tijd kreeg ons broer helemaal, zonder hulp en uit zijn eigenste zelve een prachtige rollende RRRrrrrrr.

Op dit moment lijkt de geschiedenis zich enigszins te herhalen.
Onze jongste, mannelijk geslacht, hoogblond, redelijk stoer, in alle opzichten gelijk aan ons broer, 5 jaar, maar dan knapper (jaja, ge leest mee hé man :p ), krijgt tijdens het laatste oudercontact bij Kerstmis de raad mee om toch eens een logopedist te bezoeken. Hij zit nu in de derde kleuterklas. In de lagere klasjes is dit ook reeds ter sprake gekomen. Maar, we hebben steeds de boot afgehouden. Indien er een probleem was hoopten we dat dit zichzelf wel zou corrigeren. Ten laatste voor hij naar het eerste studiejaar zou gaan wilden we wel dat dit „spraakprobleem” opgelost zou raken.

Dus nu, in de derde kleuterklas, bij Kerstmis, nog een half jaar te gaan voor het eerste studiejaar, krijgen we van een hele leuke, ‚alternatieve’ juf (zo eentje waar je gerust op een zwoele avond een bbq kan mee doen en tot ‚s ochtends kratjes wijn mee kan leegmaken) het advies om toch eens de hulp van een logopedist te overwegen.
Bim bam holy moly … het was ons helemaal ontgaan en dit was even een wake up call van jewelste. Op het moment zelf zijn we enigszins overdonderd. Met het advies uit het verleden in het achterhoofd en het eerste studiejaar dat aan ons voorhoofd staat te lonken gaan we akkoord en vragen we om advies, namen, telefoonnummers, … .

Maar, in afwachting van die gegevens gaan we steeds meer nadenken, steed meer luisteren naar onze kerel, en beginnen we onszelf vragen te stellen.
Diezelfde vraag die we ons al van bij de eerste opmerking stellen: „Is er überhaupt wel een probleem?”.
Wijzelf kunnen perfect begrijpen wat hij op ieder moment zegt. Wanneer we aan hem de vraag stellen of vriendjes soms vragen wat hij zegt omdat ze hem niet verstaan is het antwoord duidelijk negatief.
Wanneer we er dieper op ingaan blijkt eigenlijk het enige probleem te liggen bij zijn twee juffen die soms nogal eens problemen hebben met de verstaanbaarheid.

staf-2

En vandaar de titel van deze bijdrage. Bij onze Staf is een „R” een „W” en een „SCH” een „S”. Daarom vindt hij zijn zussen en de hond zo „sattig” in plaats van „schattig”. En dat „sattig” is zooo schattig, in die mate dat ons liefste mama mij zelfs (op bepaalde momenten) héél „sattig” vindt 🙂 🙂

Noem het beroepsmisvorming maar we zijn hier redelijk vertrouwd met professionele interpretaties. Zelfs in die mate dat ik even de richtlijnen van de nomenclatuur i.v.m. logopedie ben gaan opzoeken. Met enig voorbehoud durf ik zelfs heel professioneel stellen dat we zelf hier moeten opletten voor het gevaar van emotionele verbondenheid.

Maar toch, ik kan geen enkele reden vinden waarom onze liefste zoon ondersteuning zou moeten krijgen van een logopedist.
Wij zijn er vast van overtuigd dat dit (komaan, 2 letters die wat moeilijker gaan) iets is dat zijn tijd nodig heeft en gewoon wel in orde komt. Misschien wat later dan gemiddeld, maar daarom bestaan er nu eenmaal gemiddelden. De éne is wat vroeger, de andere wat later, daartussenin ligt dat vervloekte gemiddelde. Ik herinner mij nog heel goed de uitdrukking van een Professor waar ik vroeger college’s van bijwoonde. Volgens hem bestaan er maar 2 leugens in de wereld: statistieken en gemiddelden. Ik geef hem gelijk!

Maar, uiteindelijk kom je in het straatje: volg je je eigen buikgevoel of ga je toch mee in het advies van de ‚deskundigen’, zijnde die superlieve juf, ook al trek je dit sterk in twijfel? Of ga je voor je eigen buikgevoel?

Ik denk dat de beslissing momenteel heel sterk overhelt naar één kant, namelijk die van onze way of life. „Go with the flow”. Jawel, we gaan naar dat eerste kennismakingsgesprek. Maar ik vrees dat die meid over een heel sterke overtuigingskracht zal moeten beschikken. „Sattig” is nog steeds veel „schattiger”. En die „tiejattekes” van de zussen zijn uiteindelijk ook allemaal volrijpe tomaten geworden, vanuit onze eigen kweek in de serre nogwel!!

Previous Post Next Post

You Might Also Like

2 Comments

  • Reply Menck 28/01/2014 at 21:08

    De ouders van JeRoen Bontinck hebben er anders nog steeds problemen mee. 😀

    • Reply Johan 31/01/2014 at 16:02

      Ik denk dat die met nog wel meer dingen problemen hebben 🙂 🙂

    Leave a Reply